Events
24 September 2017

29 Oktober 2017

Tandemrijders hebben belang bij zowel hele lichte als hele zware versnellingen. Er is dus een groot bereik van de versnellingen nodig. De lichte versnellingen zijn nodig om het zware geheel (al gauw zo’n 150 kilo gezamenlijk gewicht) met enig gemak de helling op te krijgen. Denk daarbij aan combinaties zoals 24/34. De zware versnellingen zijn zinvol omdat datzelfde gewicht in combinatie met de lage luchtweerstand van de tandemmers zorgt dat een tandem veel harder de helling af gaat dan een solofiets. Doorrijders rijden daarom nogal eens met een 54-er voorblad met 11 tanden achter.

Het is dan ook niet ongebruikelijk om op tandems deze versnellingscombinaties te vinden:

  • voor: 24/42/54 tanden
  • achter: 11-34 tanden

Met de opkomst van de “compact”-kettingbladen in de mountainbike-sector is het monteren van een “20” aan de voorkant ook al mogelijk geworden. Hierbij valt aan te tekenen dat de gezamenlijke kracht een klein voortandwiel al gauw om zeep helpt. Een stalen exemplaar is daarom aan te bevelen.

De arm waar het pedaal aan zit heet in fietsenland een crank. Het verschil tussen een tandem-cranksets en gewone cranksets is dat er aan de linkerzijde ook een set tandwielen zit. Het is mogelijk om zelf van drie normale cranksets een tandemset te knutselen. Het is dan wel verstandig om in de rechtercranks die dan linkercranks zijn geworden een linksdraaiende schroefdraad te maken. Dat kan middels een inzetstuk (een Helicoil) met linkse draad. Een officiële tandemcrankset van Sugino is te koop vanaf zo’n € 400.


Een geheel andere manier om voldoende versnellingen te verkrijgen is de Rohloff-naaf. Dit is een naaf met maar liefst 14 versnellingen. De hoogste en laagste versnelling liggen even ver uit elkaar als bij de voor tandems gangbare aandrijving met derailleurs en tandwielen.